Ds. E. Du Marchie Van Voorthuysen

Posted by admin | | vrijdag 24 oktober 2008 3:21 pm

Het downloaden van deze preken is uitsluitend toegestaan voor privégebruik. ‘www.dewoesteweg.nl’ verbiedt het op CD/DVD zetten van deze preken voor commerciële doeleinden.  

 

Ds. E. Du Marchie Van Voorthuysen :  fragmenten uit preek over Matth. 7 vs 22-23

Refdagblad interview met uitspraken over de leer van ds. J.P. Paauwe

 

Enkele kanttekeningen omtrent zijn prediking :  klik hier   &   klik hier

 

Leespreken ds. E. du Marchie Van Voorthuysen :  klik hier

 

Kijk ook eens bij O.G.G. anekdotes :  klik hier

 

Kerkwisseling in Leersum, van de C.G.K. naar de Oud Ger. Gemeenten 

 

Persbericht – treffend artikel van B. Florijn over OGG predikanten :klik hier

 

Schildserie : enkele dingen uit het leven van ds. Du Marchie Van Voorthuysen

———————————————————————————————————————————

 

 

HET BEDEKTE EVANGELIE

 

Doch indien ook ons Evangelie bedekt is, zo is het bedekt in degenen die verloren gaan, 2 Korinthe 4:3.

 

Het eeuwig Evangelie is enerzijds naar Gods oneindige rechtvaardigheid een reuke des doods ten dode. Het kan een mens door de gemene werkingen des Geestes veel licht, kracht, gaven en bediening geven. Maar de diepste en zwaarste plaats in de hel is voor die mensen die ontzettend veel van het Evangelie gehoord, gezien en gesmaakt hebben, ja, die met Kapérnaüm tot de hemel toe verhoogd zijn, door de kracht van Christus, maar het blijft voor hen een reuke des doods ten dode, omdat ze niet in Hem geloofd hebben. Daarom zal het Sódom en Gomórra verdraaglijker zijn dan de vrouw van Lot, die er door Christus is uitgeleid, maar nooit in het Zoar der gerechtigheid is aangekomen. En anderzijds is datzelfde Evangelie naar Gods oneindige barmhartigheid en genade een reuke des levens ten leven voor degenen die krachtens verkiezing zaligmakend worden bearbeid en worden begiftigd met het oprechte, Gods deugden beminnende, zondenhatende, zaligmakende geloof der uitverkorenen Gods. Dat Evangelie is bedekt en verborgen in degenen die verloren gaan. Ons Evangelie, zegt Paulus. Paulus bracht een Evangelie waarbij men verdoemd moest worden om verzoend te kunnen worden. Dat is niet te begrijpen voor al die mensen die zóveel hebben ondervonden en meegemaakt, tegen wie men zegt: zie dat u er wat bij krijgt. Nee mensen: zie dat u met al die dingen gauw verloren gaat, om in die weg Christus te mogen gewinnen. Schuld, schade en drek moeten al die dingen voor u worden, als grond, hoe noodzakelijk ze als toeleiding ook zijn. Het is geen optelsom, maar: verloren gaan om behouden te worden. Dat Evangelie is al bedekt in degenen die, hetzij door de gemene werkingen des Geestes, hetzij door de zaligmakende werkingen, worden overtuigd van zonde, gerechtigheid en oordeel. Die moeten verloren gaan, voor eeuwig verloren. Voor dezulken is geen Evangelie meer, in de waarneming. Ze hebben tegen God gezondigd. Alles wordt zonde, zelfs de beste verrichtingen. Heel het achterliggende leven, een werelds leven of een godsdienstig leven, maar in ieder geval een leven zonder God en buiten God, en dus een leven in de zonde, komt terug. En dat in het licht van Gods gerechtigheid, zo vlekkeloos, zo ontzettend. Onze God is een verterend Vuur, zegt Paulus. Zo’n vreselijk God is de Heere; zo heerlijk vreselijk en zo vreselijk heerlijk. Zo’n overtuigde ziel moet krachtens zijn zonde en naar het rechtvaardig oordeel Gods sterven. Die weet van geen Evangelie meer, dat is totaal bedekt, ook voor degenen die zó verloren moeten gaan. Noem dit nu geen leven. Al deze dingen hebben miljoenen van degenen die in de hel liggen ook gehad, door de gemene werkingen des Geestes; soms nog veel krachtiger, dieper en sterker dan de uitverkorenen. Alle uitverkorenen leren dit, maar ook menigten verworpenen. Dus maak hier niets van; u staat nog geheel voor eigen rekening. Het zou op z’n best een toeleiding kunnen zijn, maar bij de meesten is het slechts de vrijmaking Gods om hen des te rechtvaardiger te verdoemen, omdat ze ondanks alles wat ze gezien en meegemaakt hebben, niet geloofd hebben in de Zoon van God. Dan belieft het de Heere wel om voor zo’n mens een weg en middel aan te wijzen waardoor dat bedekte Evangelie wordt ontsloten: Zie, het Lam Gods, Dat de zonde der wereld wegneemt.

 

Wat een ruimte, wat een dierbaarheid! Maar pas weer op. Ook vele verworpenen hebben een helder en krachtig gezicht buiten zichzelf gehad. Die hebben ook gezongen: al wat aan Hem is, is gans begeerlijk. Die hebben ook veel gezien van de dierbaarheid, gepastheid, schoonheid en noodzakelijkheid van een tussentredende Borg en Middelaar. Veel ván Christus, maar het is Christus Zelf niet. Onverzoend, niet vrijgesproken, onverlost, onverenigd; geen overgang beleefd, geen inenting. Word dus niet bekeerd met deze dingen! Al deze dingen, al de uitgangen tot de tweede Persoon moeten veel groter schuld en vijandschap worden dan heel uw in de zonde doorgebrachte leven. U moet niet alleen afgesneden worden van de wereld en van uw godsdienst, maar ook nog van uw leven. En wat is uw leven? U hebt heimelijk uw bekering voor uw Christus gehouden; de bedekking van de schuld gehouden voor de vergeving der zonden; uw bevinding was heimelijk uw hoop. Maar Christus is de Hope Israëls. U moet als een vijand met God verzoend worden en als een goddeloze om niet gerechtvaardigd. Het moet niet blijven bij een toevallen van het recht, maar er moet een afsnijdend recht gekend worden, een omhelzen van het recht. Naar recht verloren en verdoemd om door recht verlost en op grond van recht verzoend te kunnen worden. Als dat gebeurt, dan is het Evangelie zo ontzettend bedekt, dan is er niets méér verborgen dan Christus en het Evangelie. Daar is geen Jezus en geen verzoening; dat hoeft daar ook niet. In dat punt krijgen de deugden Gods oneindig meer waarde dan uw behoudenis. Ze hebben al zo lange tijd gehijgd naar gemeenschap met een onbekende God; en ze wilden niet dat Hij iets van 117 Zijn recht af zou doen. Liever naar recht verdoemd, dan ten koste van Gods recht verzoend. Ze krijgen dat recht zo hartelijk te kussen: dat zoete recht, lieve recht, heilig recht. Daar doet geen hel of hemel, geen verdoemenis of zaligheid mee; als Gods deugden maar verheerlijkt worden; die zijn hun leven geworden. In dat dodelijkst tijdsgewricht wordt het Evangelie ontsloten en Christus hun uit de handen van de Vader, uit de handen van de verzoende Rechter geschonken. Daarom hebben de maagden Hem lief; omdat Hij de deugden Gods verheerlijkt heeft. Waar ze niet meer naar Hem zochten, daar en niet eerder wordt Hij van hen gevonden. En waar ze niet meer naar Hem vroegen, heeft Hij tot hen gezegd: zie, hier ben Ik. Daar wordt hun die Koning van Isrels God gegeven. Wat is nu uw enige troost? Dat ik niet meer mijn, maar – hoort u de overgang? – mijns getrouwen Zaligmakers Jezus Christus eigen ben. Hij in mij en ik in Hem. Daarom, gij kind van God, geef dan eeuwig eer uw God en Heere. De beste van de besten is maar een Simson, die zijn kracht kwijt is omdat zijn haarlokken zijn afgesneden, en die ook in het duister verkeert omdat zijn beide ogen zijn uitgestoken, en die loopt te malen in deze Filistijnse molen. Vreselijk. Toch een gelukkige man, toch een nazireeër Gods. Maar toch ook vreselijk, vanwege het oordeel.

 

Ds. E. du Marchie Van Voorthuysen

 

 

 

 

————————————————————————————————————–

 

 

Lees hier verder:  klik hier